Toon items op tag: Rechten van de Mens

zondag, 27 maart 2011 22:40

Tweede Kamer behandeling wetsvoorstel 32 467

Op 30 maart 2011 zal in de Tweede Kamer het wetsvoorstel worden besproken ter oprichting van een Nationaal Instituut voor de Rechten van de Mens. (32 467).

Eindelijk ligt er nu een concreet voorstel bij het parlement  om uitvoering te geven aan de Paris Principles (1992) en de VN resolutie 1992/54 (1993) waarbij Nederland zich verbond aan de oproep om in alle lidstaten een Nationaal Instituut voor de Rechten van de Mens op te richten.

Vrijbit acht het van buitengewoon groot belang dat er ook in Nederland een onafhankelijk instituut komt ter bescherming van de fundamentele Rechten van de Mens. Maar op 20-3-2011schreven we de Tweede Kamerleden over een drietal aspecten waarin het wetsvoorstel te kort schiet: 1- De naamgeving, 2- De onafhankelijke status, 3- De procesbevoegdheid

 

Gepubliceerd in Wet en Regelgeving
Getagged onder

- juridische procedure tegen onrechtmatige Paspoortwet leidt niet tot effectieve oplossing, maar slaat burger murw -

Commentaar voorzitter van Vrijbit op vonnis d.d. 29-8-2011 RECHTBANK AMSTERDAM,Sector bestuursrecht,zaaknummers: AWB 10/4445 WET (mr. H.J. Tijselink, mrs. J.H.M. van de Ven en H.J.M. Baldinger).Eiser Dhr. P.Deutekom vs.verweerder de burgemeester van Amsterdam, gemachtigde Mr.C.M.Bitter.

Samenvatting: Verweerder heeft de aanvraag van eiser om afgifte van een reisdocument op grond van art. 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht buiten behandeling gesteld, omdat eiser zijn vingerafdrukken niet af heeft willen staan.

Gepubliceerd in Dossier Paspoortwet
20 jaar nadat in VN verband is afgesproken dat ieder land een Nationaal Instituut voor de Rechten van de Mens zou oprichten ( Paris Principles ) is er een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aangeboden om in Nederland een college mensenrechten te installeren wat voor zo’n instituut zou moeten doorgaan.

Vrijbit is van mening dat het huidige wetsvoorstel ondeugdelijk is voor het doen oprichten van een onafhankelijk Instituut voor de Rechten van de Mens.

Het wetsvoorstel beoogt geen grondslag te leggen voor een goed functionerend instituut, dat voorlichting gaat verzorgen over de fundamentele mensenrechten en erop ziet dat deze worden nageleefd.

Het wetsvoorstel geeft geen uitvoering aan de intentie dat een nationaal instituut er in de allereerste plaats toe dient om als een centraal en goed herkenbaar aanspreekpunt te fungeren voor de eigen bevolking. Het is, volgens de huidige opzet, uitdrukkelijk niet de bedoeling dat individuele burgers om raad en bijstand bij het nieuw op te richten mensenrechteninstituut kunnen aankloppen. Ook niet wanneer het kwesties betreft die van algemeen maatschappelijk belang zijn. Het instituut is in de huidige opzet volstrekt machteloos om burgers te ondersteunen. Ten eerste hebben de adviezen die het instituut kan verstrekken geen bindende kracht. Ten tweede is het instrument dat het instituut ten dienste zou staan, om in zaken van groot maatschappelijk belang de rechterlijke macht in te schakelen, uit het conceptvoorstel weggeschreven!
Gepubliceerd in Wet en Regelgeving
woensdag, 26 oktober 2011 11:41

zaak Jongenelen

Laatste nieuws: Raad van State laat 28-9-2012 weten dat alle rechtszaken in Hoger Beroep voor onbepaalde tijd zijn stilgelegd en pas weer hervat zullen worden als het EU Hof van Justitie uitspraak heeft gedaan over de betwistte rechtmatigheid van de EU verordening die aan de Paspoortwet ten grondslag ligt.

Op 26 april 2010 vroeg Dhr. Jongenelen een ID-kaart aan bij de gemeente Amsterdam. De aanvraag werd niet in behandeling genomen omdat hij geen vingerafdrukken liet AFNEMEN. 

Omdat Jongenelen niet over een paspoort of ID-bewijs kan beschikken wordt hij ernstig gedupeerd in zijn persoonlijk leven en als ondernemer. De gevolgen daarvan zijn inmiddels zo verstrekkend dat zijn buitensport bedrijf Fa.Tatteljee met stopzetting bedreigt wordt, indien hij als eigenaar niet binnen 3 maanden over een vingerafdrukvrij identiteitsbewijs kan beschikken om nieuwe bedrijfsruimte te huren, zaken met de bank te doen en op zakenreis in Europa kan.

Jongenelen weigert desalniettemin pertinent om ter verkrijging van een geldig identiteitsbewijs zijn vingerafdrukken af te geven aan de Staat.Dit omdat hij principieel bezwaar heeft om zijn biometrische gegevens (vingerafdrukken en gezichtsscan) te moeten afstaan, om een geldig identiteitsbewijs te kunnen krijgen. Principieel bezwaar heeft tegen de bouw van een infrastructuur waar biometrische identiteitscontrole en uitgebreide identificatieplichten in zijn ogen automatisch zullen leiden tot een totalitair Staatsbestel. En het bovendien onacceptabel acht dat hij in gevaar zou worden gebracht door de onvermijdelijke veiligheidsrisico’s die gepaard gaan met het opslaan en verwerken van biometrische data van hem persoonlijk en van de bevolking als geheel. 

Sinds april 2011 geeft de overheid, bij monde van de voor de Paspoortwet verantwoordelijke ministers, onomwonden toe dat met de afname van vingerafdrukken geen enkel doel gediend is. De data zijn eenvoudigweg niet te gebruiken voor identificatiedoeleinden omdat ze met een foutmarge van 20 á 25% bij verificatie niet blijken te matchen met die van de betreffende persoon.

Op grond hiervan heeft de regering in april 2011 besloten om te stoppen met de opslag van vingerafdrukken voor het verkrijgen van een Nederlandse Identiteitskaart. In de praktijk echter worden meer dan een jaar na dit besluit, nog steeds vingerafdrukken opgeëist, en weigert de overheid halsstarrig om Jongenelen een ID-kaart te verstrekken. Zelfs de aanvraag voor een tijdelijke 1jarige identiteitskaart waarvoor geen vingerafdrukken verplicht zijn (bij een tijdelijke belemmering) weigert de burgemeester in behandeling te nemen. 

Jongenelen laat het er niet bij zitten en probeert via de rechter gedaan te krijgen dat hij in het gelijk wordt gesteld en de burgemeester alsnog een identiteitskaart moet afgeven zonder dat hij daarvoor verplicht wordt om zijn vingerafdrukken te laten afnemen. De taaie juridische procedure van bezwaar tegen het besluit van de burgemeester en vervolgens beroep instellen bij de rechtbank tegen diens finale beslissing is na ruim 2 jaar, van nodeloze vertraging en frustrering van de rechtsgang, inmiddels doorlopen. Na 2 zittingen van de rechtbank te Amsterdam wees de rechtbank alsnog zijn beroep af.

Dat betekent dat Jongenelen op 2 juli 2012 Hoger beroep heeft aangetekend bij de Raad van State. Met het verzoek aan dit hoogste nationale rechtscollege (inzake het bestuursrecht) om een zodanig oordeel te vellen dat hij gewoon een identiteitskaart moet kunnen krijgen zonder dat zijn fundamentele recht op bescherming van de privésfeer en lichamelijke integriteit daarvoor wordt aantast.

Een identiteitskaart nota bene waarvan de overheid zelf verplicht stelt dat iedere burger vanaf 14 jaar over zo’n document moet kunnen beschikken. 

Lees verder voor nadere toelichting, chronologische verslag vanaf 2012, processtukken, contactmogelijkheden en oproep tot steun

Gepubliceerd in Rechtszaken
Pagina 2 van 2