dinsdag, 07 oktober 2014 13:04

Jaarverslag 2013

Index

 Onderwerpen en Dossiers

De belangrijkste dossiers waaraan Vrijbit in 2013 aandacht besteedde betroffen opnieuw:

De Paspoortwet, de installatie van ‘Slimme’energiemeters, de her-identificatieactie van banken, het Burger Service Nummer en de Gezondheidszorg. Daarnaast eiste nog een hele waslijst aan onderwerpen eveneens de aandacht op. Nieuwe onderwerpen betroffen het PRISM schandaal en het toenemend gebruik van drones voor ‘targeted killing en mass surveillance’.

 

Toelichting

 

De Slag om de Paspoortwet 

t3 6563bdemonstratie ‘hoge hoed’Het hele jaar door heeft Vrijbit zich nog tot het uiterste moeten inspannen om de aangekondigde wijziging van de Paspoortwet, aangaande de uitgifte van ‘vingerafdrukloze’ ID-kaarten, door het parlement te laten aannemen.

De uitgifte van deze identiteitskaarten was weliswaar inmiddels al door drie opeenvolgende ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksaangelegenheden toegezegd, maar werd domweg niet nagekomen. En, hoewel dat ook zonder wetswijziging binnen de bestaande regelgeving te realiseren viel, bleef de overheid halsstarrig weigeren om van de daarvoor bestaande uitzonderings mogelijkheid gebruik te maken. Dat betekende dat er, samen met de mensen die al jarenlang in een juridische strijd tegen de Paspoortwet verwikkeld waren, ook veel energie gestoken werd in het bewerkstelligen dat ‘vingerafdrukweigeraars’ ten minste de beschikking zouden krijgen over een tijdelijk identiteitsbewijs.

Uiteindelijk hebben de vele brieven die de minister en Kamerleden ontvingen, de demonstraties, de artikelen op de website, de aandacht in de pers, het oordeel van de ingeschakelde Nationale Ombudsman er toe geleid dat de wetswijziging vlak voor het kerstreces eindelijk door de Eerste Kamer werd aangenomen. Waarmee de strijd alsnog niet gestreden bleek omdat de wetswijziging vervolgens niet in de Staatscourant werd gepubliceerd en er zodoende geen rechtsgeldigheid aan werd verleend. Dat zou pas het volgend jaar zijn beslag krijgen.

 

N.B. De Nationale Ombudsman kon zich er pas in dit stadium in mengen omdat ondubbelzinnig duidelijk was dat de lopende juridische procedures geen uitzicht boden op een oplossing doordat de Raad van State de behandeling van de rechtszaken voor onbepaalde tijd had stopgezet.

 

Hoe tergend lang er geijverd diende te worden om slechts zo´n klein onderdeel uit de Paspoortwet aangepast te krijgen is tekenend voor de ongelijke strijd van burgers versus de overheid als ze gebruik maken van hun recht om zich tegen een onrechtmatig overheidbeleid te verweren. In dit geval was daarbij ook nog sprake van keiharde tegenwerking van de overheid om ‘oplossingsgericht’ de burgers tegemoet te komen. De burgemeesters en de minister bleven immers weigeren om een tijdelijke noodoplossing te treffen voor mensen die in grote nood waren komen te verkeren, terwijl de Paspoort Uitvoeringsregeling (PUN) daar al die tijd gewoon de mogelijkheid toe bood. Men bleef een onjuiste uitleg geven aan de EU voorschriften, bleef weigeren de Paspoortwet te toetsen aan het EU Verdrag van de Rechten van de Mens. Voor alle gesignaleerde veiligheidsrisico’s met betrekking tot de fabricage van de paspoorten en ID-kaarten en de daaraan gekoppelde dataopslag en uitwisseling hield men zich Oost-Indisch doof.

 

Tekenend was ook de energie en volhardendheid die het vereiste om de pers en de Kamerleden zich zelfs maar voor het onderwerp te laten interesseren. De bizarre situatie deed zich namelijk voor dat het getraineer van de overheid er toe geleid had dat men de kwestie als achterhaald beschouwde. Zelfs Kamerleden bleken er geregeld van uit te gaan dat er allang geen vingerafdrukken meer afgegeven hoefden te worden voor het verkrijgen van een geldig identiteitsbewijs, gezien de uitspraak van minister Donner in april 2011 ´We stoppen voor NU´.

 

Hoewel de strijd om de ‘vingerafdrukloze’-ID-kaart al ontzettend veel inspanning vergde behelsde dit maar één aspect van de juridische strijd tegen de Paspoortwetgeving. Nog steeds liepen er tien bestuursrechterlijke zaken, waarvan acht inmiddels in hoger beroep bij de Raad van State. Ook hierbij is er vanuit de vereniging alles aan gedaan om de juridische behandeling vlot te trekken. Dat betekende praktisch het voorbereiden van processtukken, het steunen van een tijdelijke voorzieningsprocedure, protesten aantekenen tegen de weigering van de rechtbanken Utrecht en Amsterdam om de twee zaken in eerste aanleg niet te behandelen en het leveren van inbreng ten aanzien van de prejudiciële vragen die de Raad van State bij het Hof van Justitie in Luxemburg (HvJ) had ingediend. Ook waren we actief betrokken bij de behandeling van de zaak Schwarz, waarbij het EU HvJ in 2013 oordeelde over de bezwaren van de Duitse advocaat tegen de EU verplichting van vingerafdrukregistratie in paspoorten.

 

Daarnaast probeerde Vrijbit, ook buiten het juridische circuit, voortdurend onder de aandacht te brengen en toe te lichten wat de essentie is van de bezwaren tegen het gebruik van biometrie voor identificatiedoeleinden. En dat de bezwaren wat dit betreft tegen de Paspoortwet zowel de opslag van vingerafdrukken golden als van de digitale gezichtsscan. Evenals het gebruik van op afstand uitleesbare RFID-chips in de documenten. Dat de bezwaren zich niet beperkte tot de documenten zelf, maar met name ook de centrale opslag betroffen van de ‘paspoortgegevens’ in databanken van de overheid, de onveilige verzending van de gegevens via een privaat telecommunicatiebedrijf(KPN) en de uitbesteding van het aanvraag- en uitgifte proces aan fabrikant Morpho.

Dat gebeurde via het schrijven van artikelen, voeren van politieke lobby, geven van interviews en presentaties en door de inbreng van Vrijbitleden bij alle mogelijke ‘privacy’ bijeenkomsten en in tal van persoonlijke contacten.

Het dossier ‘Paspoortwet’ op de website en berichtgeving over de rechtszaken geeft een goed beeld over de intensieve inspanningen in 2013.

 

Uitrol ‘Slimme’energiemeters

meterkast stickersmeterkast stickers

 

Nadat Vrijbit jaren terug had weten te bewerkstelligen dat het plaatsen van de ‘slimme’ energiemeters niet bij wet verplicht werd, bleek het noodzakelijk om op dit onderwerp actie te blijven voeren. De opeenvolgende ministers van economische zaken (Verhoeven, Verhagen & Kamp) probeerden namelijk telkens opnieuw te tornen aan het principe dat de burger het plaatsen van ‘slimme’meters mag weigeren.

Ook de netbeheerders bleven doorgaan met hun pogingen klanten op allerlei manieren onder druk te zetten om de installatie van ‘slimme’meters te accepteren. Men probeerde mensen bijvoorbeeld wijs te maken dat het bij de vervanging van oude meters onontkoombaar was of dat mensen niet zouden mogen eisen dat een ‘slimme’meter vervangen werd als men een woning betrok waar al zo’n meter in zat. Veelvuldig kregen we meldingen dat mensen die zonnepanelen gebruiken was voorgespiegeld dat men dan verplicht was om een ‘slimme’ meter te accepteren omdat anders de teruglevering van energie niet zou kunnen worden berekend.

 

Dat Vrijbit zich genoodzaakt zag om door te gaan met het geven van voorlichting ging in eerste instantie over het feit dat men het recht heeft om ‘slimme’meters te weigeren. Ook als zo’n meter zonder iemands toestemming al geplaatst was en ook in geval de woningbouwvereniging deze meters standaard liet plaatsen. Naarmate de druk toenam om mensen te overreden de meters te accepteren mits deze ‘administratief werden uitgezet’, werd het noodzakelijk om heel specifieke informatie te verstrekken dat mensen ook geen genoegen hoeven te nemen met meters die potentieel op afstand uitleesbaar en regelbaar zijn. Daartoe introduceerde Vrijbit de uitleg dat mensen het recht hebben om te eisen dat er alleen meters geplaatst mogen worden wanneer deze fysiek geen mogelijkheid hebben om op afstand uit te lezen.

 

Het werk van Vrijbit bestond uit het verspreiden van de meterkast-stickers - verboden ‘slimme’ meter te plaatsen -; het onderhouden van de website www.wijvertrouwenslimmemetersniet.nl; het beschikbaar stellen van voorbeeldbrieven waarin men de directie van het netwerk- of energiebedrijf ervan in kennis stelt dat men geen ‘slimme’ meter accepteert en een schriftelijke garantie wenst te ontvangen dat het bedrijf dit zal respecteren. Daarnaast werd er ook nog individuele steun gegeven aan mensen om op te treden tegen misleidende voorlichting en vaak intimiderend optreden aan de deur van monteurs die ongevraagd een ´slimme´meter kwamen installeren.

 

 

De her-identificatieactie van banken

 

t5 866fdDe onrechtmatige her- identificatie actie van de banken is een onderwerp wat al jaren op gezette tijden de aandacht vroeg en ook dit jaar weer de kop op stak. In 2013 vormde de aanstaande invoering van het IBAN nummer voor diverse banken aanleiding om mensen opnieuw te gaan aanschrijven dat men verplicht zou zijn om met een geldig identiteitsbewijs langs te komen op een bankfiliaal en daar een scan van te laten maken voor de bankadministratie.

 

Via artikelen op de website en in directe contacten met hulpvragers prikte Vrijbit de argumenten van de banken door dat deze her-identificatie een wettelijke grondslag zou hebben gekregen vanwege het samenvoegen van de Wet Identificatie bij Dienstverlening en de Wet Melding Ongebruikelijke Transacties in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Opnieuw schreven we een artikel met uitleg dat de wet, net als voorheen, voor niet- belastingplichtige diensten GEEN opname van een kopie van een identiteitsbewijs vereist. En dat voor wel belastingplichtige diensten het inleveren van een papieren kopie voldoet volgens de Algemene Wet Rijksbelastingen. Met opnieuw de uitleg dat banken dus geen recht hadden om van bestaande klanten te eisen dat ze zich opnieuw zouden laten identificeren.

Ook legden we weer uit dat wanneer banken klanten aanschrijven dat ze zich opnieuw zouden moeten komen laten identificeren ´omdat hun gegevens niet correct waren neergelegd in de administratie´ de bank daarmee zelf aangeeft nalatig te zijn geweest met het zorgvuldig omgaan met vertrouwelijke persoonsgegevens. Waardoor men klanten in zo´n geval excuus dient aan te bieden en hooguit kan vragen om mee te werken aan het herstellen van een hiaat in de administratie. Een herstel waarvoor het inleveren van een kopie van een ID-bewijs voldoet zoals dat bij het oorspronkelijk aangaan van de relatie door de klant ter beschikking werd gesteld.

 

Omdat diverse banken na jaren hiermee gedreigd te hebben nu inderdaad bankrekeningen bleken te gaan blokkeren als mensen weigerden om zich opnieuw te komen identificeren, werd Vrijbit regelmatig benaderd om mee te helpen bij het schrijven van brieven aan de bank door mensen die zich tegen de onrechtmatige bankeisen bleven verzetten. Dat leidde er in enkele gevallen toe dat na een maandenlange briefwisseling een aantal volhouders uiteindelijk voor elkaar kregen dat namens de bank excuus werd aanboden voor de onfatsoenlijke dienstverlening cq. bedreigingen. En dat men erkende inderdaad geen recht te hebben op het opslaan van digitale scans van identiteitsbewijzen als klanten daar niet zelf toestemming voor gaven. Meermalen nam de bank dan uiteindelijk alsnog genoegen met een papieren kopie van een identiteitsbewijs wat ten tijde van het aangaan van de dienstverlening geldig was.

NB Het belang van een papieren kopie in plaats van het vastleggen van een digitale scan van identiteitsbewijzen gaat erom dat digitale bestanden veel te makkelijk kunnen worden gedeeld met derden, er niet op kan worden aangegeven dat ze uitsluitend zijn afgestaan voor één bepaald doel en dat een papieren kopie niet geschikt is voor het inzetten van systemen voor automatische gezichtsherkenning.

 

Burger Service Nummer

 

bsnDe strijd tegen het gebruik van één uniek persoonsnummer, voor álle sectoren van het maatschappelijk verkeer, bleef een belangrijk item omdat dit principieel een onveilig systeem is. Omdat het gebruik van het BSN zich niet langer beperkte tot het verkeer tussen de burger en de overheid, waar het voor bedoeld was, werd het steeds urgenter om ook actie te ondernemen tegen het steeds ruimer gebruik van het BSN door semi-overheid en particulier bedrijfsleven.

Vrijbit kreeg na jaren hierover het College Bescherming Persoonsgegevens te hebben aangespoord, eindelijk support. Met de publicatie van de CBP ‘Richtlijnen kopietje-paspoort’ waarschuwde deze instantie eindelijk in heldere bewoordingen voor het onwettige gebruik van private partijen om van mensen kopieën van hun ID-bewijs en gebruik van hun BSN te verlangen. Dat het CBP eindelijk over stag ging om zich duidelijk uit te spreken, mochten we na jaren lobbyen als een kleine overwinning beschouwen. Dat de toezichthouder het gebruik als onwettig veroordeelde èn burgers daarbij adviseerde om áls men een kopie afgeeft daarop te schrijven voor welk doel dit uitsluitend werd afgegeven en men gerechtigd is om de gezichtsopname en het BSN af te plakken, vormde echte steun. Zo bleek maar weer eens dat Vrijbit de kwestie niet voor niks jaar in jaar uit bleef aankaarten bij de toezichthouder die zo vaak in gebreke blijft om op te treden tegen privacyaantastingen Zoals in dit geval door oorspronkelijk categorisch te weigeren om over het onwettig gebruik van het BSN een zienswijze te produceren.

 

Tegen het gebruik van het BSN-BTW-ZZP nummer door de Belastingdienst, voerde Vrijbit eveneens al jaren actie. In 2013 resulteerde dat er in dat door de Tweede Kamer een motie werd aangenomen dat de minister hier een einde aan moest maken. Dit vormde een stapje in de goede richting, al werd de zaak alsnog niet opgelost vanwege het gedwongen aftreden van de minister snel daarop. NB omdat hij de misstanden bij de Belastingdienst niet op orde kon krijgen en de Kamer daaromtrent ook nog eens verkeerd had geïnformeerd.

 

Ook bleek er dit jaar bij het grote publiek steeds meer erkenning te komen dat de waarschuwingen van Vrijbit terecht waren dat het gebruik van het BSN als instrument van de overheid ertoe leidt dat data uit allerlei sectoren van de samenleving veel te makkelijk aan elkaar worden gekoppeld. Zodat persoonlijke gegevens van mensen terecht komen bij derden die daar geen bevoegdheid toe hebben en niemand meer verantwoordelijk kan worden gesteld voor de informatiestromen waar onbevoegden toegang tot hebben.

 

Dat het zich toe-eigenen van een Burgerservicenummer door kwaadwillenden op zichzelf al een instrument vormt waarmee het eenvoudig is om identiteitsfraude of diefstal te plegen begon eindelijk door te dringen bij het grote publiek. Dit droeg er toe bij dat mensen terughoudender werden met het kritiekloos afgeven van hun persoonsgegevens en versturen hiervan via internet.

 

Het gebruik van het BSN in de Zorg vormde een hoofdpijndossier waarvan het eind nog niet in zicht is. Toen de overheid de regie van de Zorg in handen gaf van de particuliere ziektekostenverzekeraars werd daarvoor namelijk de wet gewijzigd die bepaalde dat BSN uitsluitend ten dienste mocht staan voor communicatie tussen de burger en de overheid. Door de wetswijziging die de verplichting invoerde dat het BSN voortaan op alle communicatie tussen zorgverleners en de ziektekostenverzekeringsmaatschappijen diende te worden vermeld èn op iedere communicatie tussen zorgverleners onderling werd een cruciale stap gezet om de uitwisseling van medische gegevens door de overheid en de verzekeringsmaatschappijen altijd te kunnen koppelen aan een bepaalde persoon zowel wat betreft diens persoonlijke medische behandeling als aan gegevens die gekoppeld aan het BSN in hele andere sectoren van de samenleving over het individu zijn vastgelegd.

De gevolgen van het gebruik van het BSN bij de elektronische uitwisseling van medische gegevens in de Zorg, vormde zodoende een belangrijk aspect van het dossier Privacy in de Gezondheidszorg. Waarover nu meer:

 

Gezondheidszorg

 

folder vrijbitFlyer VrijbitHet jaar kenmerkte zich door de intensivering en verharding van de strijd van overheid en de zorgverzekeraars om de beschikking te krijgen over de elektronische uitwisseling van alle medische diagnose-en behandelgegevens in de Zorg.

Opzet hierbij is dat de zorgverzekeraars, die in 2006 al de regie over de gehele zorgsector toegeschoven hadden gekregen, zich de absolute macht wilden toe-eigenen om te kunnen gaan bepalen welke persoon in aanmerking komt voor welke behandeling, wie die behandeling mag verzorgen en waar deze moet plaatsvinden. Volgens een bedrijfsmodel wat gericht is op het maken van zoveel mogelijk winst op de zorgproducten (cq. klanten) en ter vervanging van een systeem waarbij het welzijn en de gezondheid van patiënten centraal staat en de primaire verantwoordelijkheid daarvoor bij de betrokkenen en hun zorgverlener(s) ligt.

De Rijksoverheid was in deze opzet de zorgverzekeraars volkomen ter wille omdat men zich wil ontdoen van de hoge kosten die een goed functionerend volksgezondheidssysteem met zich meebrengt. Dat men met het privatiseren van de Zorg zich schuldig maakt aan het verzaken van een van de basistaken van de overheid leek zowel het kabinet als de Kamerleden niet te deren. Dat hiermee ook de fundamentele rechtsprincipes worden aangetast, dat burgers recht hebben op bescherming van hun persoonlijke levenssfeer (met ultiem de bescherming van de meest intieme, namelijk hun medische gegevens) bleek men eveneens van ondergeschikt belang te achten tegenover het terugdringen van de kosten van de Zorg. Wat in gelijke mate gold voor de bescherming van het medisch beroepsgeheim. Bij voortduring werd er vanuit de overheid naar de pers toe geventileerd en geframed dat verdere privatisering en marktwerking de enige oplossingen zouden vormen om de Zorg betaalbaar te houden, en er dus geen andere keus zou zijn.

Minister Schippers, van Volksgezondheid Welzijn en Sport, betoonde zich uiterst actief om de geldende wetgeving zodanig om te vormen dat het medisch beroepsgeheim en het recht op privacy van patiënten de das om werd gedaan. In het verlengde daarvan zag staatsecretaris Teeven van Veiligheid & Justitie ook vast zijn kans om een voorschot te geven op het invoeren van nieuwe wetgeving waarmee medische gegevens voor justitieel gebruik gevorderd kunnen worden.

Dit pact tussen de overheid en de zorgverzekeraars bleek zo machtig dat de zorgverzekeraars ook door de toezichthouders, het CBP en de Nederlandse Zorg autoriteit (NZa) geen strobreed in de weg werd gelegd. Het CBP gaf in eerste instantie gewoon toestemming aan de volkomen onwettige Richtlijnen die de zorgverzekeraars opstelden voor hun bevoegdheid om gevoelige persoonsgegevens te verzamelen en te verwerken. De NZa sponsorde het gedrag van de zorgverzekeraars die consequent geen uitvoering gaven aan rechterlijke uitspraken ter bescherming van het recht op ‘vertrouwelijkheid in de spreekkamer’ binnen de Geestelijke Gezondheidszorg. Het CBP en de NZa opereerden niet als onafhankelijke toezichthouders, maar als verlengstuk van het overheidsstreven om zich te ontdoen van de publieke verantwoordelijkheid voor het beleid in de zorgsector.

Ook vanuit het parlement kwam nauwelijks tegengas. Wat geen verwondering wekte gezien de topposities die een aantal Eerste Kamerleden van diverse politieke partijen binnen het ziektekostenverzekeringswezen bekleden.

Vrijbit steunde dit jaar actief de partijen die via rechtszaken de aantasting van privacyrechten en het medisch beroepsgeheim trachtten tegen te houden.

Met name de rechtszaken van de Koepel (KDVP) bij het College voor Beroep en Bedrijf in Den Haag tegen de NZa en de zaak tegen het CBP bij de bestuursrechtbank in Amsterdam. Zo ook de juridische procedure die de vereniging van Praktijkhoudende Huisartsen (VPhuisarten) aanspande tegen de vier grootste zorgverzekeraars en VZVZ over verplichte aansluiting bij het Landelijk Schakel Punt voor elektronische informatie uitwisseling in de zorg (EPD-LSP).

 

VZVZ staat voor de Vereniging van Zorgaanbieders voor Zorgcommunicatie die, met steun van de minister en financiering van de zorgverzekeraars, het EPD-LSP runt.

 

Samen met de Privacybarometer voerde Vrijbit een politieke lobby bij de Tweede Kamer tegen het aannemen van de ‘wet cliëntenrechten zorg’ die anders dan de naam doet voorkomen juist een wet ter afbraak van cliëntenrechten vormt.

Ook startten we de actie ‘Ik geen Toestemming’ tegen de lobby van VZVZ om mensen alsnog toestemming af te troggelen voor het uitwisselen van hun medische gegevens via de private doorstart van het EPD. Een actie die ondersteund werd door onze daarvoor in het leven geroepen website www.ikgeentoestemming.nl en onder andere bestond uit het verspreiden van folders met uitleg over het absoluut onveilige EPD-LSP en oproep daar ‘eens heel goed over na te denken’ alvorens toestemming te geven aan artsen, apothekers of rechtstreeks aan VZVZ.

 

De rol van veiligheids- en inlichtingendiensten

 

sticker Vrijbitsticker VrijbitAl jaren had Vrijbit pogingen ondernomen om aandacht te vragen voor de rol van veiligheids-en inlichtingendiensten. Met name hoe deze functioneren in relatie met het streven van de overheid om steeds meer gegevens van iedere burger te willen vastleggen en het verkeer tussen burgers en overheidsinstanties zo veel mogelijk te digitaliseren.

In mei 2012 bleek dat de overheid over meer dan 5000 databases met persoonsgegevens beschikte. Dit bleek uit een analyse door Sargasso. Waarbij werd aangetekend dat de volgende (type) registraties niet in deze telling waren meegenomen: Persooneelsadministraties van de overheid (75), Apotheken (~1500), Zorginstellingen (> 550), Huisartsen, Universiteiten, Omroepen, Bibliotheken, Jeugdzorg, Woningbouwverenigingen, Nederlandse Bank en Kamers van Koophandel.

Telkens weer probeerden we om bij de (risico)beoordeling van het opslaan van persoonsgegevens standaard aandacht te vragen voor de bevoegdheid van de AIVD-MIVD om over alle gegevens te kunnen beschikken van personen en groepen die door overheidsinstanties, semi-overheid en particuliere bedrijven werden geregistreerd. En dat men er dus rekening mee dient te houden dat er een landelijk knooppunt is waar in principe alle data die over iedereen, waar dan ook, worden bijgehouden in afzonderlijke databanken kunnen worden gebundeld tot een geheime schaduwdatabank. Dat deze data, zonder enige democratische controle, en zonder dat de betrokkene daarvan ik kennis wordt gesteld, naar eigen goeddunken van de AIVD-MIVD kunnen worden verzameld, geanalyseerd, toegepast voor opsporingsdoeleinden en uitgewisseld kunnen worden met buitenlandse inlichtingendiensten.

Ook vroegen we systematisch aandacht voor de impact van de in 2001 ingevoerde Patriot Act. De wet die bepaalt dat, alle gegevens van bedrijven die een vestiging of postbus in de VS hebben, door de FBI rechtstreeks, en zonder tussenkomst van een rechterlijk bevel, kunnen worden opgeëist. Waardoor men zich moet realiseren dat de opslag van persoonsgegevens in Nederland en de EU sindsdien maar in beperkte mate bescherming te genieten door nationale of EU ‘dataprotectie’wetgeving.

Hoe belangrijk het verdisconteren van deze context ook was in verband met de almaar grotere hoeveelheid data die er over ieders doen en laten werd opgeslagen, de pogingen om dit aan te kaarten bleven tot medio 2013 schijnbaar vruchteloos.

Meerdere rechterlijke uitspraken over bezwaren van Vrijbitleden tegen de Paspoortwet stelden onverbloemd dat het onzin is dat de AIVD-MIVD en FBI toegang zouden hebben tot de biometrische gegevens van de reisdocumentenadministraties. Zonder dat eisers een effectieve kans kregen om dergelijke uitspraken te laten herroepen. Tweede Kamerleden die na heel veel aandringen een enkele keer bereid gevonden konden worden om bij de minister navraag te doen over de reikwijdte van de Patriot Act, i.v.m. bedrijven die waren ingehuurd voor de verwerking van paspoort- of medische gegevens van de hele bevolking, stelden zulke beperkte of open vragen dat bij voorbaat duidelijk was dat de beantwoording geen opheldering zou geven.

Als sterk staaltje van het feit dat er van een daadwerkelijke controle van de macht geen enkele sprake was, gaf Vrijbit vaak het voorbeeld dat de Tweede Kamer glashard genoegen nam met de beantwoording van hierover gestelde vragen door de ministers van BZk (Spies & Plasterk) en van Volksgezondheid (Schippers) dat deze er geen idee van hadden maar de Kamertoezegden dat ze er bij de bedrijven zelf eens navraag naar zouden gaan doen.

Toen in juni 2013 Edward Snowden de spionagepraktijken van de Amerikaanse National Security Agency (NSA) aan de kaak stelde, kwam dat als geroepen. Eindelijk bleken de media toen bereid om bij berichtgeving over dataopslag aandacht te besteden aan de context van een informatiemaatschappij waarbij overheden wereldwijd zich toegang (kunnen) verschaffen tot alle mogelijke data die via internetkabels en satellietverbindingen werden getransporteerd. En hoe groot hun macht is om alle digitale datastromen van bedrijven naar zich toe te leiden en software te kunnen manipuleren waarmee gebruikers van computers en online communicatie rechtstreeks kunnen worden ‘afgeluisterd’.

 

Vanaf die tijd fungeerde Vrijbit als doorgeefluik voor het verspreiden en duiden van de aanhoudende stroom onthullingen betreffende de NSA via onze Privacynieuwsdienst en via het bijhouden van een chronologisch dossier op de website. ( inclusief de verklaring van alle afkortingen van betrokken diensten, surveillanceprogramma’s en ingeschakelde bedrijven). Daarnaast beschouwde Vrijbit het als haar taak om, van meet af aan tegenwicht te bieden aan de selectieve verontwaardiging over de afluisterpraktijken van de VS. Net als voorheen bleven we er steeds maar weer op wijzen dat Nederland als een van de ‘Nine Eyes’ via haar geheime diensten zelf een voorname rol vervulde in het opzetten van het wereldwijde surveillance systeem. Gaven we toelichting over de manier waarop de uitwisseling van data georganiseerd werd via ongecontroleerde inlichtingendiensten die afgedekt worden door deels geheime bilaterale verdragen en afspraken. Legden we uit hoe het spel juridisch zo gespeeld werd doordat Nederland data aanleverde waar de VS niet aan konden of mochten komen (respectievelijk data voor drone aanvallen in West Afrika en van burgers in de VS zonder rechterlijk bevel) in ruil voor een belangrijke positie op het politieke wereldtoneel. Na maanden werden deze mechanismen pas onderkend door de media, maar had Vrijbit dit al eerder onder de aandacht gebracht van bijvoorbeeld de EU parlementariërs en landelijke politici die zich het hoofd braken over mogelijke tegenzetten tegen de VS spionagepraktijken.

Overige onderwerpen waarop Vrijbit in 2013 actie ondernam:

  • Voortgaande digitaliseringsdrang en dwang door de overheid (gemeentes Belastingdienst, UWV…)

  • Mythe dat het versleutelen of pseudonimiseren van dataopslag een oplossing zou vormen voor data anonimisering. Een misvatting die actief werd gepromoot door het bedrijfsleven om de peiler van ‘ dataminimalisatie’ onder de wetgeving ter bescherming persoonsgegevens af te breken.

  • Voorstellen van de EU commissie om de wetgeving dataprotectie te wijzigen. Waarbij na de aanvankelijke voorstellen tot aanscherping van het beschermingsniveau de wijziging zodanig onder vuur kwam te liggen dat ze de burgers eerder een verslechtering dan betere bescherming dreigt te gaat bieden. Omdat de aanpassing van de voorstellen alsnog politie- justitiediensten uitsloot. Omdat het bedrijfsleven ijverde voor het loslaten van het principe dat de wet bepaalt wat wel en niet en onder welke voorwaarden mag worden verzameld. Waarbij voortaan de mate waarin misbruik van persoonsgegevens geclassificeerd kan worden als criterium voor het minimum niveau van databescherming zou dienen te gaan gelden. Omdat het voeren van rechtszaken in het algemeen belang (class action) dreigde te worden ingeperkt. En omdat de commissie weigerde de dataretentiewet (bewaarplicht telecommunicatiegegevens) in te trekken.

  • Tendens om vanuit Nederland en Groot- Britannië te lobbyen voor inperking van de reikwijdte van EU Verdragsbepalingen en uitspraken EU Hof voor de Rechten van de Mens.

  • Cybersecurity. Met betrekking tot het wetsvoorstel van minister Opstelten om politie/justitie de bevoegdheid te geven om zonder tussenkomst van rechterlijke macht in computers van particulieren in te breken. Tot de uitbreiding van de Postwet, waarbij het briefgeheim formeel ook van toepassing zou worden op online communicatie, maar waarbij de uitzondering voor staatsveiligheid of ordehandhaving de bescherming tot een wassen neus maakt. En pogingen van de overheid om de vrijheid van internetgebruik aan banden te leggen.

  • Wetsvoorstel strafbaarstelling illegaliteit en misstanden in vreemdelingendetentie

  • Wetsvoorstel vingerafdrukregistratie van alle vreemdelingen.

  • Opzet EU Borderprotectionsyteem. Zoals de ontwikkeling van automatische grensbewakingstechnologieën het wetsvoorstel tot vingerafdrukregistratie van alle vreemdelingen bij aankomst en vertrek, en het verschuiven grensbewaking naar zones buiten de EU in Afrikaanse landen grenzend aan Middellandse Zee.

  • e-Health De ontwikkelingen waarbij gewerkt wordt aan een wereldwijd uitwisselingssyteem voor medische gegevens. En de tendens dat het gedrag en de gezondheid van personen via apps en bodysensoren rechtstreeks worden gekoppeld aan medische en commerciële databanken.

  • Opzet kabinet om medische gegevens, zonder toestemming van de patiënt, ter beschikking te stellen aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg en vorderbaar te maken voor justitiële toepassing.

  • Drones Onbemande apparaten voor ‘target killing’ en massa surveillance.

  • Hoger beroep in zake een vrijspraak omdat de Wet op de Uitgebreide ID-plicht geen draagplicht kent.

  • OV chipkaart. De voortgaande systeemdwang via de voorgenomen afschaf van het papieren treinkaartje.

  • Nieuwe Wet uit 2012, waarmee de Belastingdienst stichtingen en verenigingen verplicht om de namen van bestuursleden op internet te publiceren (tenzij men expliciet daar bezwaar tegen aantekent omdat de personen daardoor in gevaar zouden worden gebracht).

  • Facebook. Het gebruik van data voor commerciële doeleinden, de aankoop van nieuwe diensten voor digitale gezichtsherkenning, het misverstand aankaarten dat mensen zelf kunnen bepalen welke gegevens er over hen op Facebook worden gezet en de macht van Facebook via het samenstellen van profielen en de samenwerking met inlichtingendiensten.

  • Camerabewaking

  • Opmars van dataopslag ‘in the cloud’

  • Geschiedschrijving over het ontstaan van de surveillancemaatschappij ‘in Europe and Beyond’.

  • Vingerafdrukregistratie door het particulier bedrijfsleven ( o.a. Taxi keurmerk Utrecht, meerdere bodediensten en sportscholen van universiteiten).

  • Cookiewetgeving. Vooral om het verschil uit te leggen tussen functionele en tracking’ cookies en toe te lichten hoe het bedrijfsleven slaagde in de opzet om de verplichting tot vragen van toestemming zo te frustreren dat de regering de cookie wetgeving overwoog te gaan aanpassen.

  • Elektronische jeugd-en jongerendossiers en leerling-volg-systemen.

  • Sociale media. Met betrekking tot het onnadenkend gedrag van gebruikers en de toenemende surveillance van Facebook, Twitter, Instagram enz. door politie en sociale recherchediensten.

  • Acties tegen online aanmeldverplichtingen voor bijeenkomsten en kaartverkoop.

  • Ontwikkelingen met betrekking tot elektronische identificatiemethoden( e-ID).

  • Lokaal mensenrechtenbeleid van gemeentebesturen

  • Staat van de Mensenrechten in Nederland

  • Mensenrechteneducatie

  • Wetvoorstel registratieplicht prostituees

  • Introductie Google Glasses in Nederland

  • Opmars app’s met gevolgen voor data-uitwaaiering

  • Gebruik WIFI

  • Manipulatie keuze burgers via ‘nudging’ overheid

  • Rapportage over ‘Toezichthouders op publieke belangen’(WRR rapport sept. 2013)

  • Opmars RFID-chips in kleding ( EU commissie wil logo invoeren ‘Digitalcourage’ eist standaard deactiveren bij de kassa nabetaling van het product)

  • Nieuw Bonuskaartsysteem Albert Heijn


Gelezen 69451 keer